“Ik probeer al dertig jaar de verzekeraar meer aan het woord te laten, maar dat lukt steeds niet. Dat zit blijkbaar in de structuur van het bouwproces en in hoe iedereen zijn rol speelt. Toch denk ik dat als de verzekeraars de handen ineenslaan en zij partijonafhankelijk hun kennis naar de markt brengen, ze in staat moeten zijn om de markt in de juiste richting te sturen. Verder is mijn belangrijkste advies aan de bouwkolom dat we veel meer moeten investeren in kennis. Het is een inkoppertje, maar dat schiet echt te kort! We moeten werken aan een branche-brede aanpak van brandveilig bouwen. Zodat hbo’ers het woord brand kunnen spellen als ze klaar zijn met hun studie. Dat is ook de enige manier om de Wet Kwaliteitsborging te kunnen laten slagen. Anders blijft het doormodderen.”
Brandende Kwesties
Xella, kennishouder op het gebied van brandveilig bouwen, organiseert dit jaar drie ronde tafelsessies om brandveilig bouwen uit te diepen met vakgenoten. De eerste editie vond plaats in Futureland bij Rotterdam.
Hoe verwoestend vuur kan zijn bewees de recente brand in de Notre Dame maar weer eens. De hele wereld keek vol ontzetting toe hoe het eeuwenoude monument in vlammen op dreigde te gaan. Toch heeft brandveilig bouwen niet altijd en overal topprioriteit. De regelgeving is vaak complex en het kostenplaatje kan in sommige gevallen – soms door een gebrek aan kennis - flink oplopen.
Als toeleverancier in de bouw, meer specifiek van brandwerende bouwmaterialen, vind Xella het belangrijk om in gesprek te blijven over dit thema. Daarom organiseren we dit jaar drie ronde tafelsessies over brandveilig bouwen, waarin projectontwikkelaars, adviseurs, verzekeraars en bouwers met elkaar in gesprek gaan over dit thema. De eerste editie vond plaats in Futureland in Rotterdam.
Een verslag van Brandende Kwesties.
Onder leiding van gespreksleider Marcel van Duijn (o.a. hoofdredacteur Brandveilig.com) komen er twee kwesties nadrukkelijk bovendrijven.
Brandende kwestie 3: kraakheldere wet- en regelgeving ontbreekt
Natuurlijk, er is een Bouwbesluit. En ja er zijn verschillende (NEN-)normen waaraan de bouw zich dient te houden. Toch blijken die vaak op meerdere manieren te interpreteren of zijn juist ook bedoeld om binnen kaders naar eigen interpretatie in te vullen. In de woorden van een van de deelnemers: er zit een discrepantie tussen de regels en hoe het zou moeten. Eigenlijk zijn de regels en voorwaarden behoorlijk minimaal. Maar het begint wel met die regels en de handhaving ervan. Ook die is tot nog toe gebrekkig gebleken. Een aannemer uit Utrecht deelt zijn ervaring: “Wij hebben als bedrijf veel overleg met Veiligheidsregio Utrecht, de gemeente en de opdrachtgever. Dat gaat vaak heel goed. Maar in een andere, niet nader te noemen gemeente, zegt de brandweer dat ze niet naar woongebouwen kijken.” Wellicht dat de recent ingevoerde ‘Wet Kwaliteitsborging’ hier enige verandering in gaat brengen. Al is direct kritiek te horen: “Te veel nadruk op duurzaamheid en te weinig op (brand)veiligheid”, betoogt een deelnemer met instemmend geknik van de anderen. Hoe dan ook, het zal nog even duren voor het effect van deze wetgeving voelbaar is. De kwaliteitsborgers moeten nog worden opgeleid bijvoorbeeld. We zullen het zien tegen die tijd, was de eensluidende conclusie.
Brandende kwestie 2: onvoldoende bewustwording en kennis
Jazeker, door de grote branden als de Notre Dame en de Granfell, of een stalbrand waarbij honderden dieren omkomen, is brandveiligheid weer (even) meer in beeld. Zowel bij de overheid als in de branche zelf. Toch is de harde conclusie van de aanwezigen dat het nog altijd schort aan echte bewustwording en vooral ook aan grondige kennis over brandveilig bouwen. Bouwopleidingen en bedrijven besteden er nauwelijks aandacht aan. Het devies is dan ook: investeer meer in opleiding en training. En we denken misschien dat we in Nederland strenger zijn dan in Engeland, maar dat is niet zo. De wet is in de basis gericht op twee zaken: de veiligheid van mensen en die van de buren. Maar in de (bedrijfseconomische) schade is de wetgever niet geïnteresseerd. En opdrachtgevers zijn zich dit vaak onvoldoende bewust. Bovendien gaan de financiën nog vaak boven de veiligheid. Daar komt ook de verzekeraar om de hoek kijken. Die kijkt juist wel naar gevolgschade en stuurt bij utiliteitsprojecten dan ook steeds vaker aan op verdergaand compartimenteren en het aanleggen van sprinklerinstallaties.
Brandende kwestie 1: verwaterde verantwoordelijkheid
“De Bouwmeester moet weer terug!”, riep een van de aanwezige architecten. De meeste aanwezigen waren het erover eens dat de verantwoordelijkheid die architecten op dit moment hebben, is uitgehold. Ze hebben terrein prijsgegeven. Niet uit eigen wil, maar door de veranderde wet- en regelgeving. Waardoor degene die ontwerpt, tekent en voorschrijft, niet meer degene is die blijft monitoren tot aan de oplevering. Ook de meeste opdrachtgevers leggen de verantwoordelijkheid buiten de deur en verwachten van hun toeleveranciers dat zij de wetten kennen en toepassen. Dat klinkt logisch, maar bouwers op hun beurt kijken vooral naar het Bouwbesluit en over het algemeen te weinig naar gevolgen van een ontwerp in de gebruiksfase. De toeleveranciers certificeren vooral hun producten en de controleurs tot slot, handhaven niet consequent genoeg. Zie hier het probleem. Het geheel is meer dan de som der delen, maar het zijn vooral de afzonderlijke partijen in de kolom die naar hun eigen stukje kijken. Een echte centrale verantwoordelijkheid, monitoring en handhaving ontbreekt.
Laatste berichten
-
Slimmer, groener en efficiënter bouwen in 2025
De bouwsector kijkt in 2025 uit naar een jaar vol innovaties en uitdagingen. Al jaren kampt de secto
Lees meer -
The MusicSpace: 18 innovatieve studio's gebouwd met Ytong
In september opende The MusicSpace in Utrecht zijn derde en grootste locatie tot nu toe, met maar li
Lees meer -
Bouwbedrijf M.J. de Nijs en Xella vinden elkaar op veiligheid
Xella is, vanwege haar strikte veiligheidsbeleid, door Bouwbedrijf M.J. de Nijs en Zonen gevraagd vo
Lees meer